Bijna iedereen heeft tegenwoordig met AI te maken, van jongeren tot volwassenen. AI is overal: van ChatGPT tot filters op sociale media en apps die foto’s bewerken. In de afgelopen jaren is AI steeds vaker onderdeel van ons dagelijks leven geworden. Omdat het ons leven makkelijker, sneller en creatiever kan maken door teksten te schrijven, foto’s te bewerken en informatie te geven. Toch wordt het steeds belangrijker om te weten hoe je AI herkent en welke risico’s eraan verbonden zijn. Zoals ze op mediawijsheid aangeven: “AI is een krachtig hulpmiddel, maar zonder kritisch denkvermogen kan het ook misleidend zijn.”
AI-teksten zijn vaak opvallend netjes geschreven. Ze hebben weinig spelfouten, perfecte zinsopbouw en klinken meestal zonder emotie. Soms zelfs “te netjes”. Zinnen zoals: “het is belangrijk om te begrijpen dat…” of woorden als desalniettemin, derhalve en in essentie komen vaker voor in AI-teksten dan in normale gesprekken tussen jongeren.
Daarnaast blijven AI-teksten vaak wat algemeen. Ze leggen iets duidelijk uit, maar missen persoonlijke ervaringen of goede voorbeelden. Een tekst kan logisch klinken, maar toch weinig echte emotie hebben. Toch wordt het steeds moeilijker om AI-teksten te onderscheiden van menselijke teksten. Daarom is het belangrijk om niet alleen op taalgebruik te letten, maar ook kritisch te kijken naar de inhoud, klopt het wat er staat en wordt het duidelijk uitgelegd waar informatie vandaan komt? Check altijd nog even bij een andere bron of het echt klopt.
Hoe zie je of een afbeelding echt of nep is?
AI beelden worden steeds realistischer en zijn soms bijna niet van echte foto’s te onderscheiden. Toch zitten er vaak kleine foutjes in. Denk aan handen met te veel vingers, schaduwen die niet kloppen of reflecties in spiegels die er niet zijn. Ook kunnen details zoals haar, tanden of achtergronden er net wat onnatuurlijk uitzien.
De beste manier om dit te herkennen is niet door alleen naar het geheel te kijken, maar juist door in te zoomen op kleine details. Ons brein merkt vaak onbewust dat er iets niet klopt. Als een beeld een vreemd gevoel geeft, kan dat een teken zijn dat het mogelijk door AI is gemaakt.
Wat zijn de grootste gevaren van AI?
De grootste risico’s van AI liggen niet in sciencefictionverhalen over robots die de wereld overnemen, maar in de manier waarop mensen de technologie gebruiken. AI kan bijvoorbeeld worden ingezet om nepnieuws, deepfake-video’s of nepstemmen te maken. Hierdoor wordt het steeds lastiger om feit van fictie te onderscheiden, vooral in de politiek en op sociale media.
Daarnaast speelt privacy een grote rol. Veel toepassingen verzamelen data, vaak zonder dat gebruikers precies weten wat ermee gebeurt. Persoonlijke gegevens kunnen worden gebruikt om gedrag te voorspellen of om mensen te beïnvloeden.
Een ander risico is dat mensen minder kritisch gaan nadenken. Als je volledig vertrouwt op AI om teksten te schrijven of antwoorden te geven, train je jezelf minder om zelfstandig informatie te beoordelen. AI werkt op basis van bestaande data en voorspelt wat een logisch antwoord is. Het begrijpt niet wat juist of onjuist is. Als de informatie waarop het is getraind vooroordelen bevat, neemt AI die onbewust over. Zonder dat het weet of het goed of fout is.
Hoe blijf je zelf bewust?
Bewust omgaan met AI betekent dat je zelf de controle houdt. Controleer informatie via meerdere betrouwbare bronnen en gebruik AI als hulpmiddel, niet als vervanging van je eigen denkvermogen. Kijk kritisch naar beelden en video’s voordat je ze deelt en wees je bewust van welke gegevens je online achterlaat. Door nieuwsgierig, kritisch en digitaal goed te blijven opletten, zorg je ervoor dat technologie jou versterkt in plaats van vervangt.